
Al weer een tijdje geleden ben ik benaderd door Natasja Oehlen om een recept te schrijven voor haar site biobudget.nl. Op dit moment moet haar site nog gelanceerd worden. Om er nou niet de reden van te zijn dat de lancering nog langer op zich laat wachten, ben ik maar eens aan de slag gegaan. De opdracht luidt: schrijf een recept voor vier personen, dat qua inkoop onder de 12 euro blijft. O ja, wel met biologische ingrediënten. De gelegenheid heeft me er tevens toe gebracht om de recepten op deze site maar eens ‘google recipe search friendly’ te maken. Enfin, technisch verhaal. Verder niet interessant.
Ik maak privé al jaren een pizza met witlof en gorgonzola. Grote favoriet van de familie en zoals dat gaat is het recept vaak afhankelijk van wat er precies in huis is. Speciaal voor de gelegenheid heb ik een en ander maar eens vastgelegd.
| Pizza met witlof en gorgonzola dolce |
|
|
Recipe type: Hoofdgerecht
Author: Arnold Meulenbeld
Prep time: 1 hour
Cook time: 10 mins
Total time: 1 hour 10 mins
Serves: 4
Deze pizza laat zich met een eenvoudige groene salade goed als hoofdgerecht serveren.
- 300 g bloem
- 9 g droge gist
- 195 g water
- 6 g zout
- 3 tomaten
- 100 g gedroogde tomaten
- 75 g rucola
- 25 g pijnboompitten
- 50 ml extra vierge olijfolie
- 500 g witlof
- 100 g gorgonzola dolce
- 100 g mozzarella
- 90 g taggische olijven
- Zet een deeg van de eerste vier ingrediënten en laat minimaal een uur rijzen op een warme tochtvrije plek.
- Rooster de pijnboompitten in een droge koekenpan of in de oven op 180 °C. Snijd de verse tomaten in vieren en verwijder de zaden en vocht. Draai samen met de rucola, gedroogde tomaten, pijnboompitten, olijfolie en peper en zout tot een pasta.
- Verwarm de oven voor op 220 °C.
- Snijd de witlof in kleine reepjes en blancheer ze kort. Dit haalt deels de bittere smaak weg. Laat de witlof afkoelen en druk er zo veel mogelijk vocht uit.
- Snijd de kazen in kleine stukjes en de olijven in de lengte in tweeën.
- Sla het deeg terug en rol uit tot de grootte van de plaat die je in de oven gaat doen. Smeer eerst de pasta uit en beleg je deeg vervolgens met de witlof, kazen en de olijvenstukjes.
- Afbakken in de oven.
1.2.4
Gepubliceerd: 31 maart 2011
Categorieën:
Hoofdgerecht,
Recepten
Tags:
pizza
Commentaren:
1 Commentaar.
Op 6 en 13 juni is er een biologische wijncursus in restaurant Deeg. Deze cursus wordt gegeven door Eveline Scheren en ik kan iedereen die geïnteresseerd is in biologische wijn aanraden deze cursus te volgen. Meer informatie kun je vinden op de site Vine to Wine. Nu biedt Eveline ook een biologisch wijnabonnement aan, waarbij ze het leuk vindt om een passend eetadvies te geven. En, je raadt het al, ze heeft mij gevraagd een receptje te bedenken bij één van de wijnen.
Eergisteren, na de service, keuken schoon en omgekleed, heb ik mij aan de zware taak gezet om deze wijn te proeven. Altijd lastig. Eigenlijk meer zin in een koud biertje enzovoort. Eerlijkheidshalve moet ik zeggen dat ik al een ideetje voor een recept in mijn hoofd had (lees: had klaarliggen). Toch maar even de wijn geproefd. Wat een verrassing! In de neus heel veel blauw fruit, in de mond heel soepel met milde tannines en ondanks deze soepelheid toch stevig. Een beetje peperig met kruiden. Een hint van kruidnagel en zoethout. Als de beide andere wijnen uit het abonnement kwalitatief net zo zijn, dan zul je er erg gelukkig van worden.
Deze wijn, de Hospices Catalans Grande Réserve 2008, komt van het Franse huis Cazes. Zij maken een brede waaier aan wijnen en een drietal daarvan staat ook op de kaart bij Deeg. Maar deze kende ik nog niet. Eind jaren ’90 is Cazes geheel overgeschakeld naar biologisch/bio-dynamische wijnbouw en vinificatie. Hun 200 hectare grote landgoed ligt in Rivesaltes, het hart van Roussillon.
Van het “Hospices Catalans” label wordt 3 cent per fles gedoneerd aan de hospital association. De donaties worden voornamelijk gebruikt om bijvoorbeeld ouders die bij hun zieke kind willen blijven onder te kunnen brengen. Nog een reden om van deze wijn te houden.
Blijft nog mijn ‘sublieme’ wijn-spijscombinatie. Ik had, zonder de wijn te proeven, bedacht dat een recept met longhaas wel leuk zou zijn. Maar dat idee heb ik direct laten varen. Na de wijn geproefd te hebben moest ik direct aan eend met kersen denken. Mijn collega, de onvolprezen Zweedse kok, had kalfsvlees associaties. Inderdaad. Misschien wel een stoofpot met ouder kalf, pinkenvlees. Later op de avond kreeg ik ineens vreselijk veel zin in pissaladière. De Franse versie van pizza, met veel uien, ansjovis en olijven. Dat moest toch ook wel wat te betekenen hebben? En als ik er nu over nadenk, zal dat vermoedelijk een heel troostrijk maal opleveren in combinatie met deze wijn. In ieder geval ben ik die nacht denkend aan (en dromend over) pissaladière naar huis gefietst.
Toen ik de volgende morgen op internet zocht naar streekgerechten uit de Roussillon, stuitte ik onmiddellijk op… eend met kersensaus! Nou, dat is ook wat. Hier komt mijn versie.
In deze versie wordt de eendenborst droog gemarineerd in een kruidenmengsel. Dat mengsel kun je eenvoudig zelf maken. Gebruik gelijke delen kaneel, kruidnagel, foelie en sechuanpeper en rooster een en ander in een droge koekenpan. Dit roosteren maakt veel extra smaken los. Maal het geheel tot een poeder in de kleine bak van de magimix, het hulpstuk van je staafmixer, koffiemolen of op een andere manier. Bedenk maar iets. In de vijzel kun je er veel agressie/liefde mee/in kwijt.
| Droog gemarineerde eendenborst met kersensaus |
|
|
Recipe type: Hoofd
Author: Arnold Meulenbeld
Prep time: 20 mins
Cook time: 20 mins
Total time: 40 mins
Serves: 4 personen
- 4 eendenborstfilets (canettes)
- 4 el droge marinade
- 400 ml gevogeltefond
- 2 takjes tijm
- 1 laurierblad
- 1/2 steranijs
- 200 ml port
- 200 gram verse kersen (ontpit)
- Snijd de huidzijde van de filets in met een scherp mes in een ruitpatroon. Tot op het vlees, niet erin. Wrijf de filets in met zeezout en de droge marinade. Laat dit tot 24 uur intrekken.
- Kook de port met de smaakgevers in tot de helft en voeg vervolgens de gevogeltefond toe. Kook dit nog eens verder in tot de gewenste concentratie.
- Breng het geheel op smaak met peper en zout en haal door een fijne zeef.
- Warm nu de kersen op in de saus en laat het geheel enige tijd goed doortrekken.
- Nog eens proeven. Misschien heeft de saus een heel klein beetje suiker nodig om de smaak van de kersen omhoog te halen.
- Vlak voor serveren de saus monteren met een klontje koude boter.
- De eend dient tijdig uit de koeling gehaald te worden om op temperatuur te komen. Op de huid aanbraden in een droge koekenpan en als een deel van het vet is uitgebakken de filet omdraaien en op de vleeskant bruin bakken.
- Mooi rosé braden in ongeveer 5 minuten (afhankelijk van de dikte van de filets).
- Laat de filets 5 tot 10 minuten rusten.
- Trancheer ze vervolgens in de lengterichting en leg ze in waaiervorm op een bord. Serveer met de saus. Lekker met geroosterde groenten.
Voor de droge marinade kun je verschillende specerijen gebruiken. Ik heb gelijke delen kaneel, kruidnagel, foelie en sechuanpeper gebruikt.
1.2.4
Gepubliceerd: 17 mei 2010
Categorieën:
Hoofdgerecht,
Nieuws
Tags:
biologisch,
Cazes,
eend,
kersen
Commentaren:
Nog geen commentaar.

Er is op internet een nulnummer verschenen van een nieuw magazine met aandacht voor biologische producten uit Nederland. Mij is gevraagd om mee te werken aan deze pilot. Laten we hopen dat het wat wordt. Maar ik bedacht me wel dat het zonde is om het geleverde recept niet ook zelf te gebruiken voor dit blog. Dus vandaar.
| KNOLSELDERIJTAARTJE MET OLDE REMEKER, PUREE VAN SPLITERWTEN EN POSTELEINSALADE MET GEROOSTERDE HAZELNOTEN |
|
|
Recipe type: Hoofd
Author: Arnold Meulenbeld
Prep time: 20 mins
Cook time: 40 mins
Total time: 1 hour
Serves: 4 personen
- Knolselderijtaartje
- 250 g bloemige aardappel
- 250 g knolselderij
- 100 g crème fraîche
- 20 g selderijblad, fijngesneden
- 100 g olde remeker, geraspt
- 4 eieren
- peper en zout
- Spliterwtenpuree
- 1 sjalot gesnipperd
- el gerookt paprikapoeder
- 150 g groene spliterwten
- lt. groentebouillon
- 1/3 winterwortel
- 1 dunne prei
- 1 bos bladselderij
- laurier
- boter
- peper en zout
Knolselderijtaartje
- Schil de aardappelen en maak de knolselderij schoon. Dit laatste gaat het snelst als je eerst de ruwe onderkant wegsnijdt en daarna van boven naar beneden, met de ronding mee, de ruwe buitenzijde verwijdert met een scherp mes.
- Even wassen en samen met de aardappel in even grote stukken snijden.
- Aardappel en knolselderij in ongeveer 20 minuten gaarkoken in water met zout en daarna afgieten.
- Verwarm de oven voor op 170 °C.
- Maak een luchtige puree en voeg de crème fraîche toe.
- De puree is nu genoeg afgekoeld om de eieren en de kaas toe te voegen. Doe dit en roer het geheel goed door. Voeg nu ook peper en zout toe. Bedenk hierbij dat de oude kaas ook al zout is. Als het goed is heb je nu een vrij vloeibaar beslag. Schrik niet, dit is de bedoeling.
- Schep dit beslag in grote muffinvormpjes van siliconen. Als je siliconenmatjes gebruikt is invetten niet nodig.
- Bak de taartjes, afhankelijk van de grootte van de vorm, in dertig tot veertig minuten af.
Spliterwtenpuree
- Zet de sjalot aan in wat boter en voeg het gerookte paprikapoeder toe als de sjalot glazig is.
- De spliterwten schoonspoelen en uit laten lekken. Bij de sjalot voegen.
- Afblussen met de groentebouillon en aan de kook brengen.
- Mirepoix van de groenten, laurier en de bladselderij toevoegen.
- Op laag vuur het geheel gaarkoken en daarna met een staafmixer fijnmaken nadat je de laurier verwijderd hebt.
- Op smaak brengen met peper en zout en vervolgens nog eens door een fijne zeef halen.
1.2.4
Gepubliceerd: 31 maart 2010
Categorieën:
Hoofdgerecht,
Recepten
Tags:
biologisch,
vegetarisch
Commentaren:
Nog geen commentaar.
(een bijdrage uit m’n oude blog)
Gisteren had ik de hele dag zin in gado gado. Vaker komt het voor dat ik iets kook op basis van wat we in huis hebben. A l’improviste zal ik maar zeggen. Maar gisteren moest het gado gado worden. Gado gado is een Indonesische maaltijdsalade met satésaus. In principe voldoet iedere verzameling van groenten, maar er hoort in ieder geval taugé bij. Laat ik die nu net vergeten zijn . Wel had ik romanesco, sperziebonen, aardappel, winterwortel, kastanjechampignons, gemarineerde tofu en… waterkers. Dus geen taugé, maar wel waterkers. Dat laatste beviel erg goed, dus die houden we er in.
Kook de aardappels, winterwortel en sperziebonen gaar en bak de tofu en kastanjechampignons bruin op hoog vuur. De tofu had ik eenvoudig gemarineerd in sambal en ketjap manis. Rangschik deze verzameling op een serveerschaal. Wij hebben het warm gegeten, maar het kan natuurlijk ook koud. Verspreid tenslotte de waterkers decoratief over de groenten. Het geheel serveer je met emping, seroendeng en natuurlijk satésaus. Als bijgerecht is een komkommersalade zeer goed.
Dit is natuurlijk een volledig vegetarisch maal. Dat wil zeggen als je geen trassi gebruikt in de satésaus. En dat ga ik nou net wel doen. Dus tegen de vegetariërs zeg ik: laat maar weg. Ik vind het lekkerder met. Voor dit gerecht heb je een vijzel nodig. Of om in stijl te blijven een tjobek en oelekan. Mooi woord is dat: oelekan. Het gebruik van de vijzel vind ik altijd heel therapeutisch, maar je kunt natuurlijk ook de magimix gebruiken.
satésaus
- 2 gesnipperde sjalotjes
- 2 teentjes knoflook
- een stukje trassi
- 1 el komijnzaad
- 3 el korianderzaad
- 2 tl sambal djeroek
- 100 g cashewnotenpasta
- 150 g pindakaas
- 1 tl tamarindepasta
- ketjap manis
- 1 blik kokosmelk
- grof zout
De zaadjes even poffen in een droge koekenpan en daarna fijnwrijven in de vijzel. De knoflook, sambal, sjalotjes en trassi toevoegen en het geheel tot een pasta roeren met wat grof zout. Niet teveel, de trassi is ook al zout.
Deze pasta bak je in wat olie in een sauspannetje. Laat vervolgens de pindakaas en de cashewnotenpasta in de pan ‘smelten’. Voeg het blik kokosmelk toe en roer tot je een gebonden saus hebt.
Maak op smaak met de ketjap en de tamarindepasta en eventueel nog wat zout. Ik voeg aan deze saus geen suiker meer toe. Door het gebruik van de cashwews en de zoete ketjap vind ik hem zoet genoeg. Ben je zelf zoeter gewend, los dan nog wat goela djawa op in de saus.
Als de saus teveel is ingedikt, kun je nog wat gewoon water toevoegen.
Gepubliceerd: 27 augustus 2009
Categorieën:
Hoofdgerecht,
Recepten
Tags:
satésaus
Commentaren:
Nog geen commentaar.